Over OpMaat

OpMaat biedt verkoopoplossingen zoals Koopgarant en KOOPstart aan woningcorporaties en ontwikkelaars en levert hierbij kennis, advies, ondersteuning, contracten en trainingen. 

Rechter veegt opnieuw de vloer aan met advocaat

18-02-2019

Op 9 januari deed de rechter uitspraak in een rechtszaak van 2 voormalige bewoners van een Koopgarantwoning tegen Stichting Alwel. Net als bij eerdere zaken werden de eisers  vertegenwoordigd door het advocatenkantoor Janssens Den Boef. Dit kantoor verloor eerder al een tiental vergelijkbare zaken. In de zaak tegen Alwel deden de eisers beweringen die nagenoeg gelijk waren als in die eerdere zaken. Opnieuw liet de rechter niets overeind van de eisen die dit kantoor namens de eisers naar voren bracht.

Dwaling

De eisers deden primair een beroep op dwaling. De rechtbank Zeeland-West-Brabant oordeelde echter dat het beroep op dwaling verjaard is. De eisers hadden immers in 2013, bij de terugkoop van hun woning, op de hoogte kunnen zijn van de berekening van de terugkoopprijs. Voor dwaling geldt een verjaringtermijn van 3 jaar. Toen de eisers eind 2017 Alwel aansprakelijk stelden, naar aanleiding van de door de Monitor aangezwengelde publiciteit over Koopgarant, was hun vordering inmiddels verjaard.

Fabelen

Net als in eerdere zaken stelde de advocaat namens de eisers dat de Wet op het financieel toezicht (Wft) van toepassing is omdat Koopgarant een financieel product zou zijn. Opnieuw verwees de rechter deze bewering naar het rijk der fabelen.
Hetzelfde gebeurde met de stelling dat de eisers bij de aankoop onjuist of onvolledig waren geïnformeerd. De rechter oordeelde dat de brochures en de rekenvoorbeelden voldoende helder en evenwichtig waren. Opvallend hierbij is dat de eisers ter zitting verklaarden dat zij bij de verkoop wel goed begrepen hadden hoe de terugkoopprijs zou worden berekend. 

Redelijk en billijk

Verder had de advocaat namens de eisers aangevoerd dat de wijze van prijsbepaling bij terugkoop naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar zou zijn. Ook dit wees de rechter van de hand. De terugkooprijs in 2013 was weliswaar lager dan het bedrag waarvoor zij de woning hadden gekocht, maar ze konden op dat moment hun woning gegarandeerd verkopen aan de corporatie en hun verlies was veel lager dan wanneer de hele waardedaling voor hun rekening zou zijn gekomen. 

Waardeverklaring bij verkoop

in 2007 heeft de taxateur een zogenaamde ‘waardeverklaring’ opgesteld. Dit was niet conform de Koopgarantbepalingen, zo stellen de eisers. De rechter concludeert dat de verjaringstermijn van 5 jaar begon te lopen op het moment dat de eisers kennis droegen van de eventuele tekortkoming, dus toen zij in 2007 het rapport ontvingen. De vordering is inmiddels verjaard, de rechter komt niet meer toe aan een inhoudelijke beoordeling van de vraag of sprake is van een tekortkoming. 

Zelfde taxateur

De taxateur bij verkoop en terugkoop was dezelfde. Volgens de eisers had dit op grond van de Koopgarantbepalingen niet gemogen. Ook hier ging de rechter niet in mee. Dit is immers niet wat bedoeld wordt met regel in de Erfpacht- en Koopgarantbepalingen dat de taxateur niet direct of indirect betrokken mag zijn bij de aan- of verkoop. Dit stemt overeen met het oordeel van de rechter in een eerdere uitspraak in een zaak tegen Bergopwaarts.   

Herhaling

De advocaten Den Boef en Van der Wulp vallen steeds in herhaling bij de rechtszaken die zij over Koopgarant voeren. Daarbij krijgen ze steeds op alle fronten ongelijk. Er lopen nog een aantal zaken. Ze brachten zelfs recent een nieuwe dagvaarding uit met weer dezelfde vorderingen. Het gevolg hiervan is dat de een flink aantal corporaties schade lijden doordat zij op hoge kosten worden gejaagd. 

Uitspraak

Zodra het vonnis in de zaak tegen Alwel is gepubliceerd, nemen wij hier een link op. 

Eerdere berichten

Bekijk hier enkele eerdere berichten over de door Janssens Den Boef Advocaten verloren rechtszaken over Koopgarant:

Patrimonium wint rechtszaak (10 september 2018)